Baba krijgt af en toe een vers bot.
Ik haal botten bij de bio slager die vooral gewend is ‘runderknoken’ te verkopen aan restaurants waar de koks er jus de veau of bouillon van maken en gezien de huidige rage in botten bouillon ook in toenemende mate aan particulieren. Derhalve zijn het grote botten. Ik koop ze per kilo, maar dan heb ik er meestal maar twee, voor ‘ietsje meer’ dan een kilo, drie. Ze zijn bevroren en ik bewaar ze in de vriezer tot ik het een geschikt moment vind om Baba een nieuw bot te geven, want hij doet er lang mee en bewaart zijn bot wekenlang bij zijn andere schatten op de yogakamer. Breng ik dat bot of een andere schat terug naar zijn mand met speelgoed een verdieping lager, vind ik hem binnen een dag weer terug in de yogakamer, dus dat heb ik allang opgegeven.
Wat hij het liefst doet met een vers (nou ja ontdooid) bot is begraven.
We hebben slechts een klein tuintje, zo klein dat ik het gekscherend ons balkon op de begane grond noem.
Het heeft me jaren gekost voor ik Baba zo ver had dat hij niet meer zijn poot optilt in ons tuintje. Inmiddels begrijpt hij dat ons groene plekje bij het huis hoort en heeft hij een favoriet ligplekje onder de Magnolia (ja, die zorgt voor schaduw 😉 ) Maar daarnaast kan ik niets meer planten omdat hij dat tot zijn graafplek gemaakt heeft.
Van tijd tot tijd pak ik een harkje om de grond weer terug te krijgen in het steeds terugkerende gat, maar het lijkt of er steeds meer grond verdwijnt.
Dat graven doet hij vooral als hij een nieuw bot heeft gekregen. Dat moet per se onder de grond om het meestal een uurtje later weer op te graven. Bot zwart van de aarde, Baba’s snuit en poten ook, dus je snapt hoe mijn vloer eruit ziet als hij met zijn prooi weer binnenkomt.
Hij blijft me telkens verbaasd aankijken als ik het bot met enige moeite schoon spoel en zint op een moment dat hij het dan weer opnieuw kan begraven.
Daar heb ik niet altijd zin in.
Gelukkig geeft hij het meestal na een etmaal op.
Gisteren gaf ik hem weer een vers bot, lekker vol vlees en andere zachte delen, dus het oude, compleet uitgeholde bot kan weer worden weggegooid. (Mag dat nu wel of niet in de compostbak?)
Ik had gisteren absoluut geen zin in en tijd voor weer al dat gedoe door zijn gegraaf.
Dus hield ik de tuindeur op het haakje.
Urenlang heeft hij radeloos door het huis gelopen.
Trap op, trap weer af, soms met bot, soms zonder.
Duidelijk op zoek naar een andere plek dan de kuil in ons tuintje.
Ik kreeg bijna medelijden met hem, vooral als hij demonstratief met bot in zijn bek bij de tuindeur ging staan.
Nee Baba, je mag het bot niet meenemen naar de tuin!
Je zag hem zo ongeveer zuchten.
Hij liet het bot liggen, maar kwam het even later weer ophalen en hupsakee, daar begon het gesleep met dat ding opnieuw.
Halverwege de avond gaf hij het op.
Maar waar had hij nou zijn bot gelaten?
Baba waar is je bot?
Baba deed of hij doof was en keek van me weg.
Toen ik een paar uur later naar bed ging, wachtte me een vervelende verrassing: mijn ’s ochtends verschoonde bed was totaal omgewoeld.
Aha, dus daar is het bot! dacht ik.
Maar waar ik ook keek, geen bot.
Het bed opnieuw opgemaakt en niet alleen mijn slaapkamer maar het hele huis nog eens nagelopen, nergens dat bot. Baba lag op de yogakamer met zijn oude bot naast zich.
Vanochtend viel me op dat mijn hoeslaken op de hoeken niet goed was aangetrokken. Daar was ik kennelijk vannacht niet meer aan toegekomen.
Ik haalde de kussens weg, spande het hoeslaken weer in de hoeken aan.
Pas bij het terugleggen van de kussens viel me een klein roze plekje op, tussen het matras en de houten bed ombouw.
Dat zou toch niet…?
Maar het zou wel.
Hij moet flink veel kracht hebben moeten zetten om het daar tussen te krijgen, want ik kreeg het bot er met moeite tussenuit.
Nou vraag ik me af of zoiets betekent dat ik weer het hele bed moet verschonen? 😉
Het bot krijgt hij morgen pas terug en het oude ga ik nu weggooien.

