Misverstanden


Een kennis uit de buurt kom ik sinds ik in 2004 weer een hond kreeg na ruim 25 jaar geen ruimte voor een hond in mijn leven te hebben gehad, vaak tegen met haar hond. Ik mag haar graag en soms maken we een praatje. Zoals gebruikelijk tussen hondenbezitters gaat dat allereerst over onze viervoetige vriendjes. Er was in de jaren zonder harige vriendjes in mijn leven veel veranderd aan de hondencultuur in de stad en vooral de eerste jaren had ik veel aan de tips van deze ervaren hondenliefhebster.

Een paar maanden geleden signaleerde ik echter dat ze me vermeed. Dan wordt het ook moeilijk om te vragen wat er aan de hand is. Uiteindelijk besprak ik dat met een gezamenlijke kennis en hoorde tot mijn verrassing dat ik nare dingen tegen haar gezegd zou hebben. Wat ik me herinnerde was een ontmoeting op een wandelpaadje langs een riviertje in de buurt dat vooral bekend is bij wandelaars en hondenuitlaters.

Haar huidige hond is er een met een ‘rugzakje’ en heeft de neiging uit te vallen naar mijn veel grotere Baba. Ze is duidelijk bang voor hem en Baba heeft tegenover bange hondjes twee standaardreacties waarbij het negeren en weglopen zijn favoriet is. Dat gaat natuurlijk niet makkelijk op zo’n smal paadje en nog minder als de mensen van de honden even een praatje maken. Ze vertelde over haar hondje en ik vertelde op mijn beurt over onverwachte problemen met kleine hondjes (zie eerdere column).

De gezamenlijke kennis wist te melden dat ik had gedreigd met de dierenarts. Ik moest diep nadenken wat ik gezegd had. Dat bleek ik niet allemaal te hebben opgeslagen, maar ik weet zeker dat die dierenartsopmerking een grapje moet zijn geweest.

Wekenlang bleef ik uitkijken naar de vrouw met haar hondje, maar zag haar hooguit in de verte weglopen als wij er aan kwamen. Vanmorgen dacht ik er weer aan en besloot haar op te bellen. Ze had weinig tijd maar ik dramde toch even door, ik houd niet van dit soort misverstanden en vooral niet als daardoor een leuk contact verstoord blijkt. Ik vertelde wat ik bedoeld had met een opmerking over de dierenarts inschakelen. Maar het bleek ernstiger. Volgens haar was de kern van ons laatste gesprek dat Baba haar hondje twee keer gegrepen had. Daar kon ik me niets van herinneren.

“Sorry, dat wist ik niet”, zei ik.

“Je was er ook niet bij”, zei ze.

Oeps.

Door de korte duur van het telefoongesprekje konden we er helaas niet verder op in gaan. Misschien is dat maar goed ook.

Wij hondenbezitters zien natuurlijk allereerst het gedrag van onze eigen hond en de mens van een klein hondje heeft daarbij andere taken dan de mens van een grote hond.

Haar hondje heeft gedragsproblemen waarvan ik inmiddels weet dat die mede worden veroorzaakt door een vervelende ziekte. Als mens van dit hondje heeft ze als belangrijke taak haar hondje te beschermen. De hondenwereld kan hard zijn. Angstige en daardoor agressieve hondjes, maar ook zwakke of onzekere hondjes worden makkelijk doelwit van andere honden.

Als mens van een grote hond is het mijn taak mijn hond aan te sturen op tolerant gedrag. Ik wil niet dat hij gaat jagen op zwakkere of angstige al dan niet kleine hondjes. Dat doet hij dan ook niet. Althans, dat weet ik zeker als hij alleen is en/of onder appel staat. Zijn eigen stoïcijnse karakter maakte het eenvoudig om hem te leren niet in te gaan op gekef of andere uitingen van angst of onzekerheid. (“Doooor Baba”) Hij kan ze voorbij lopen alsof ze lucht zijn.

Anders ligt dat soms als hij met een of meerdere vriendjes is. Sommige van zijn vriendjes en vriendinnetjes houden wel van jagen. Je zal maar de mens van een hondje zijn waarover een paar grote honden ineens besluiten dat het leuk is om op te jagen. Gelukkig komt dit niet vaak voor. Als hondenbaasje is ook in zo’n geval voorkomen beter dan genezen. Preventief mijn hond aanlijnen als ik de neiging tot jagen zie aankomen, is een oplossing. Want honden stoppen tijdens zo’n jacht, is voor niemand eenvoudig. Als een vriendje van Baba begint met jagen, zie ik Baba steevast even aarzelen. Maar dat is vaak te kort om nog in te kunnen grijpen; hij is zeer loyaal naar zijn vriendjes en als alfa wil hij graag nog gaan leiden ook.

Ik weet niet of er sprake was van jacht stimulans door een bevriende hond toen Baba het hondje van mijn kennis twee keer greep. Dat gaan we vast nog wel eens bespreken.

Baba is als alfa doorgaans een beschermer. Ook van kleintjes die al dan niet angstig agressief naar hem zijn. Maar kleintjes die hij diverse keren ontmoet en angst-agressie blijven vertonen, geeft hij uiteindelijk een fikse correctie. Dat is niet leuk om te zien en al helemaal niet voor het hondenmens van het ‘slachtoffer’. Maar het hoort wel bij roedel gedrag van de leider. Want zo’n kleintje veroorzaakt steeds opnieuw onrust en daar komt nog bij dat Baba het echt heel vervelend vindt als hij zo benaderd wordt. Soms hoor ik hem zeggen: “maar ik ben toch lief?!”

Blijft over dat ik ten opzichte van mijn alfa de echte roedelleider ben. Het blijft dus aan mij om ongewenst gedrag te voorkomen. Ik weet zeker dat als Baba een hondje ‘grijpt’ dat een correctie is van ongewenst gedrag.

Elke hondenbezitter denkt zijn of haar eigen hond te begrijpen. Bij animositeit tussen honden acht ik het van belang om als mensen te blijven communiceren en open te kunnen luisteren naar wat de ander meent te hebben waargenomen. Liefst in het besef dat waarnemingen vrijwel altijd heel subjectief zijn. Door open en eerlijk de situatie te bespreken, kom je soms tot verrassende ontdekkingen. Soms leuke, soms minder leuke, maar altijd leerzaam.

Zo begrijp ik het hondje van mijn kennis die ik vanochtend (te) kort telefonisch sprak beter sinds iemand me vertelde over diens lastige en chronische ziekte. Misschien was dat ook aan de orde in dat gesprekje op het wandelpad langs het riviertje en was het toen niet tot me doorgedrongen.

Dat spijt me dan.

Baba en 4 maanden jonge Skipper. Foto: Lars Holm