Angst agressie

In de ruim 6 jaar dat Baba bij me is, kan ik op de vingers van een hand tellen hoeveel keer hij aan de lijn zijnde heeft gepoept en daarvan was het 3 x vanwege diarree. Hij poept uitsluitend in bosjes. Handig denkt u misschien, maar het onhandige daaraan is dat hij daarvoor los moet. Het aantal losloopplekken in de stad is beperkt en al helemaal die met bossages, dus heb ik al diverse keren aan handhavers moeten uitleggen waarom hij los liep. Dat een voormalige zwerver nog het instinct heeft om zich op een veilige plek terug te trekken om te ontlasten, wordt gelukkig meestal goed begrepen, vooral als ze hem blij en opgelucht rennend uit het groen zien komen.

Vanmorgen liet ik hem weer eens aan het begin van het park los en zag Baba aarzelen tussen de diverse bossages. Net op het moment dat hij ergens de struiken in wilde gaan, werd zijn aandacht kennelijk door iets anders getrokken en nam hij een sprint een weide op. Ik kon net niet zien wat zijn aandacht trok omdat mijn uitzicht door de struiken belemmerd werd, maar als ik de struiken gepasseerd ben, zie ik een klein hondje met zijn bazin op de weide. Kennelijk vond Baba het al niet meer interessant, want hij ging de struiken aan de andere kant van de weide in.

Vertrouwend op dat Baba na zich te hebben ontlast, zal volgen, loop ik het laatste stukje naar de hondenweide. Daar aangekomen komt Baba daar ook blij aangerend en begint zijn dagelijkse rondje snuffelen om te kijken wie hem allemaal zijn voorgegaan sinds ons vorige bezoek aan de hondenspeelweide.

Dat is niet helemaal naar de zin van Golden retriever Dartel. Dartel is aan de lijn, want al op weg de speelweide te verlaten met haar baasje, maar gaat demonstratief liggen kijken of Baba wellicht toch nog enige aandacht aan haar zal willen schenken. Baba weet dat met honden aan de lijn weinig lol te beleven valt, maar de ervaring leert dat hij toch nog even kort zal komen dollen met zijn vriendinnetje als hij klaar is met zijn eerste snuffelronde en dus wachten we nog even. Dartel laat haar bazin daar ook weinig keus in.

Ineens is daar de mevrouw met het kleine hondje op haar arm die ik in de verte op de andere weide had zien staan.

Op geagiteerde toon begint ze me te verwijten dat ik mijn hond los liet lopen en dat dat geen stijl is met zo’n grote hond want dat die enorm intimiderend op hen af was komen rennen en nu is hun bal kwijt en ik moet die maar even voor haar gaan zoeken.

Ik begrijp ineens de reden van Baba’s plotselinge sprint de voor honden verboden weide op, zie dat mijn ballendief niets in zijn bek heeft en concludeer dat hij die bal bij het poepen in de struiken heeft achtergelaten. De vrouw fulmineert ondertussen door dat ze expres nooit naar de hondenspeelweide komt want veel te veel gedoe met al die honden en eist nog eens dat ik de bal voor haar ga zoeken.

“Nee, dat ga ik niet doen,” zeg ik uit irritatie vanwege haar aanvallend agressieve toon. Ik ben ook echt niet van plan voor haar de dichtbegroeide struiken in te gaan.

Het baasje van Dartel bemiddelt: “Je kan toch helpen door met Baba te gaan zoeken.”

Natuurlijk kan dat, maar ik moest toch iets tegen dat geagiteerde gedoe van die vrouw inbrengen. Zo ga je toch niet met elkaar om?!

“Als u nu naar de plek loopt waar u mijn hond de struiken in heeft zien gaan, zal ik een poging wagen,” zeg ik. Ik laat haar vooruit gaan, wat ze nog steeds fulminerend doet en roep dan Baba. Ik ga Baba voor het pad op aan de andere kant van de struiken . “Zoek de bal Baba, zoek de bal!”

Hij heeft hem binnen no-time gevonden en gaat aan de andere kant van de struiken ermee aan de haal, de weide op. Daar loopt de vrouw met haar hondje. Ik loop op mijn gemak de struiken voorbij en hoor de vrouw ondertussen dingen roepen als “U heeft uw hond helemaal niet onder appèl, hij luistert helemaal niet, enz. “ Als ik op de weide ben, loop ik, geheel kalm, vol zelfvertrouwen, op Baba af, ruil de bal voor een koekje en geef hem aan de vrouw die haar hondje eindelijk weer op de grond zet en… meteen de bal weer gooit.

Tot groot plezier van Baba die meteen op Toby afgaat, een intimiderend grommetje geeft zodat hij de bal weer terug krijgt.

“Zie je wel, zo’n intimiderende hond mag niet los!” roept de vrouw meteen en foetert door over appèl, luisteren, geen stijl, enz.

“En u gaat maar door met mij beledigen,” zeg ik, terwijl ik rustig naar Baba loop en weer de bal afpak.

“Dit is de laatste keer dat ik u de bal terugbezorg,” zeg ik.

Dat begrijpt ze: ze kondigt aan de bal vast te houden en zegt nog het e.e.a. wat mijn ene oor in en het andere uitgaat.

Ik draai me om, sommeer Baba mee te komen, wat de lieverd gelukkig meteen doet en zeg terwijl we weglopen “Ik begrijp dat u bang bent voor grote honden.” Alleen al haar terugdeinzen toen Dartel aanstalten maakte om even te willen snuffelen aan het hondje op haar arm, had me dat al duidelijk gemaakt, haar gefoeter nog meer.

Daar denk ik verder over na als Baba en ik teruglopen naar de hondenspeelweide en omdat daar geen hond meer is en het begint te regenen het rondje naar huis afmaak. Moest ik nou echt zo nodig op die manier op haar reageren? Had ik dat niet anders kunnen doen? Had ik niet meer begrip moeten opbrengen voor haar angsten? Waarom krijg ik de neiging om de kont tegen de krib te gooien als iemand zo angstig agressief tegen me doet? Had ik niet meer begrip kunnen tonen voor haar angst?

Als we bijna het park verlaten, zie ik de vrouw met Toby lopend aan de lijn tegemoet komen. Ik vertraag mijn pas, zodat we op gelijke hoogte kunnen komen. De vrouw steekt het fietspad over om ons te ontwijken, maar ik houd aan de andere kant van het pad bewust stil.

“Sorry dat ik zo stug reageerde,” begin ik. Ik zie haar aarzelen of ze zal doorlopen of stoppen. “Normaal wil ik graag helpen, maar de agressieve toon waarop u me aansprak…” Ze stopt.

“Ik was heel erg geschrokken van uw hond,” zegt ze.

“Dat snap ik, hij kan heel intimiderend overkomen.” Ik zie dat er verzachting optreedt.

“Wacht u even, dan kom ik dichterbij, dan hoeven we niet zo te schreeuwen,”. Ik steek het fietspad over, zie haar alweer terugdeinzen, blijf op gepaste afstand.

“Ik zag die grote hond op ons afkomen en zag nergens een baas!”.

Met deze openlijke angst kan ik wel wat. Geen welles nietes dat ik er wel was maar begrip voor haar angst voor mijn 42 kilo op een herder lijkende voormalige zwerver. We hebben een best aardig gesprekje waarin ik ook iets meer vertel over mijn in struiken poepende ballendief en zij zegt dat ze door haar angst zo reageerde als ze deed.

Zij bedenkt uit zichzelf dat ze nu ze Baba kent, de volgende keer geen bal meer gooit als ze hem ziet. Ik beken uit mezelf dat Baba zijn Alpha zijn misbruikt om ballen af te pakken.

Als we vriendelijk elkaar een fijne dag wensend uit elkaar gaan, ben ik blij met hoe eerlijkheid over emoties weer eens gewonnen heeft van de primaire reacties.

En besef eens te maar hoe wij mensen lijken op onze honden en omgekeerd.

Castratie

Baba’s ontwikkeling als ‘lone wolf alpha’ sedert het incident in april met de barsoi werd steeds duidelijker. Zijn toch al grote hobby, het afpakken van ballen en andere speeltjes, werd nu echt dominant gedrag.

Zijn ongeduld met niet goed gesocialiseerde puberreutjes werd steeds groter en zijn begroetingen van andere honden op de speelweide veranderden steeds meer in even duidelijk maken wie er de baas is in het park, althans volgens Baba.

Daar kwam het nadrukkelijk claimen van teefjes ook nog bij.

We begonnen een slechte naam te krijgen in het park. Een keer kwamen we aangelopen bij de hondenspeelweide en nog voor ik Baba los had gemaakt, vertrokken alle hondenbaasjes met hun viervoeter. Binnen een minuut was de weide leeg.

Dit was niet leuk meer. Uitlaten van Baba werd een inspannende bezigheid. Met zo’n grote hond met een herderachtig uiterlijk waar toch al veel mensen bij vooroordeel bang voor zijn, en met zijn grote zelfstandigheid als voormalige zwerfhond, kon ik me niet langer permitteren om de tijd te nemen om te kijken hoe ik met allerlei soorten aanpak zijn gedrag zou kunnen ombuigen.

7 Juli liet ik hem castreren. De eerste keer in mijn leven dat ik zo’n stap zette en in de eerste week na de castratie heb ik in gedachten wel duizend keer sorry gezegd tegen Baba.

Hij was behoorlijk ziek van de narcose. De dierenarts had me aangeraden geen voedsel te geven maar wel te proberen of hij wilde drinken. Hij wilde geen van beiden, ondanks dat hij met een nuchtere maag de operatie had moeten ondergaan.

Eind van de avond probeerde ik voorzichtig een heel klein stukje van zijn favoriete leverworst. Hij rook eraan, trok zijn kop terug en maakte een geluid waarvan ik dacht dat alleen mensen dat konden: hij liet een hartgrondig ‘Blugggh’ horen.

De volgende dag begon hij weer te drinken en accepteerde hij kleine hapjes. Het werd me alleszins duidelijk dat de ontstekingsremmende pijnstiller geen overbodige luxe was. Ook het advies hem de eerste weken niet los te laten lopen, bleek terecht.

De dierenarts had gewaarschuwd dat de testosteron nog minstens een maand volop aanwezig zou zijn en ik dus de eerste maand geen veranderingen hoefde te verwachten en daarna was het afwachten of en zo ja wat voor effect de castratie uiteindelijk zou hebben.

Al de dag na de castratie bemerkte ik toch de eerste verandering: in plaats van heel vaak ‘vlaggen’, deed Baba ineens een lange plas.

We zijn nu drie maanden verder en Baba is, behalve dat hij duidelijk een apha is geworden, weer Baba. Hij is nog steeds een ballen- en speeltjesdief maar gelukkig weer zonder dat super dominante gedrag. Toch gaf het in september problemen met badgasten op Vlieland die er geen begrip voor op konden brengen, zelfs niet nadat ik uitgelegd had hoe Baba’s gedrag ontstaan was. Of ik de bal kon terugbezorgen. Uiteraard, maar wel met moeite. Daarna of ik kon voorkomen dat hij de bal afpakte, want het boxerachtige teefje vond het niet leuk dat Baba dat deed. Tsja, dat hoort nou juist bij Baba’s spel. De baas vond het ook duidelijk niet leuk dus lijnde ik Baba maar aan. Na een poos was ik echter even niet oplettend genoeg en hup daar ging hij, met lijn en al. Dit keer kwam de man Baba terugbrengen en kon meteen twee ballen in ontvangst nemen.

Ik wist meteen weer waarom ik nooit in de buurt van andere badgasten het strand op ging, maar het warme weer had me verleid dat dit keer wel te doen.

Op de stille stukken was het genieten met Baba. De lange, vrijwel lege stranden hadden echter ook een nadeel: overal lagen resten van dode vogels. Wat is het toch een eigenaardige gewoonte van honden dat ze zich graag in lijkgeuren wentelen. Ik heb me laten vertellen dat ze dat doen om hun eigen geur te camoufleren, nog een restant van hun oerinstincten. Het geeft ze een voordeel bij de jacht.

Ik ken geen hondeneigenaar die dit ‘voordeel’ honoreert en ik werd een keer goed pissig op Baba toen hij weer weigerde de lijken met rust te laten. Boos lijnde ik hem aan en een poos lagen we samen tegen de duinrand naar de zee te staren. Of eigenlijk, ik staarde, Baba ging maar even een dutje doen. Tot hij de geur van een hond opsnoof die vooruit gelopen van zijn bazen langs de vloedlijn liep. Met een alerte kop keek hij van de hond in de verte naar mij en weer terug. Ok Baba, herkansing. Maar niet in de resten van dode vogels en vissen rollen aub!

Wat kan hij toch hard rennen als hij er zin in heeft, binnen enkele seconden was hij bij de zwarte hond. Ze dolden een poosje, en toen de zwarte hond met bazen al ver gepasseerd was, stond ik klaar met mijn fluitje, bezorgd dat Baba te ver mee zou lopen. Maar nee, hij bleef achter en zou dat de hele week op Vlieland keurig doen, hij is echt beter onder appel sedert de castratie. Ik zag hem wat over het strand scharrelen en denkend aan de vele lijken, blies ik uiteindelijk toch op mijn fluitje. Daar kwam hij al, maar wat had hij in zijn bek?

Eenmaal dichtbij bleek het een grote, nog geheel intacte dode meeuw te zijn, die hij trots voor mijn voeten neerlegde. Cadeautje!

Even was ik bang dat hij hem toch weer zelf zou willen hebben: het leek een beetje op hoe hij een bal voor andere viervoeters neerlegt, maar oh wee als die hond die bal zou oprapen, dan laat Baba graag zien hoe snel hij is. De pestkop! Maar nee hoor, hij ging weer rustig liggen.

Met mijn handen begroef ik de meeuw. Het werd een behoorlijke zandhoop voor ik niets meer zag van het grote beest. Baba had het stoïcijns gadegeslagen en toen ik klaar was kwam hij even aan het bergje snuffelen, keek me aan alsof hij zei, nou als jij er dat mee wilt doen moet je dat zelf weten en ging weer liggen.

Alle overige dagen op Vlieland bemerkte ik vooral hoe goed Baba onder appel bleef. Hij is duidelijk rustiger en gezeglijker geworden sinds de castratie.

Ook in onze eigen omgeving begint op te vallen hoeveel rustiger hij is geworden. De hondenspeelweide loopt niet meer leeg als wij eraan komen. 🙂

Er zijn zelfs tekenen dat hij in plaats van een ‘lone wolf alpha’, langzaam maar zeker een gewone alpha aan het worden is, in groepen honden stelt hij zich steeds socialer op.

Tenzij er een bal in het spel is 😉

Ik heb absoluut geen spijt van de castratie.

Op een ‘dingetje’ na: Baba lijkt nu qua voedselgerichtheid op een labrador.

Als hij de kans krijgt belaagt hij picknickers en thuis reageert hij op alles wat met eten te maken heeft. Extra lastig is dat je een hond na castratie juist minder eten moet geven om te voorkomen dat hij dik wordt.

Maar we vinden er vast wel een modus voor. Uiteindelijk…