20. Viel het kwartje?

Het begint erop te lijken dat Baba de diverse gesprekken die ik gevoerd heb over chemische castratie en de problemen met zijn veel te ver bij mij vandaan gaan, heeft verstaan. Of ik heb beter begrepen wat hij nodig heeft.

Na het gesprek met mijn vriendin, het vrouwtje van Goldie, kijk ik anders aan tegen de problemen met Baba’s grote ‘zelfstandigheid’ en gooi ik het over een andere boeg. Ook allerlei opmerkingen van hondenkennissen lijken een plek te hebben gekregen. Ik besef dat Baba lang genoeg bij me is om ook strenger te kunnen zijn. Boos tegen hem doen hoeft niet meer tot gevolg te hebben dat hij juist bij me weg loopt zoals in de eerste maanden. Hij moet gaan begrijpen wat ik echt niet leuk vind en dat kan kennelijk alleen maar door zeer duidelijk te zijn, ook als ik daarvoor een boze stem op moet zetten.

Het werkt.

Als hij niet komt als ik roep, ga ik ermee door tot hij wel reageert. Consequent zijn dus, maar dat was ik al, maar nu op een nieuwe manier. Als hij niet reageert, trek ik desnoods een sprintje maar zet dan wel een boze stem op. “Baba! komen! Nu! Hier!” De eerste keer heeft hij weer de neiging om juist verder weg te lopen, maar ik word nog bozer, maak mijn stem nog lager. “Baba!”Hier! Dorie! Hier!” Hij blijft staan, aarzelt. Ik zie hem denken, wat heb ik nu aan mijn kar hangen? Ik maak mijn stem weer zachter: ”Baba, kom hier, kom es kijken…” Ik ga half op mijn hurken zitten, mijn armen wijd. Dat snapt hij goed. En daar komt hij. Schoorvoetend, onderweg allerlei snuffelstops, maar daar is hij dan. Tot helemaal bij mijn voeten.

“Goed zo, Baba.” Ik lijn hem aan en geef een brokje.

Maar ik doe ook nog een paar andere dingen anders. De energie die Baba liet zien op Vlieland en bij Houdringe heeft me aan het denken gezet. Na het auto ongeluk heeft hij een lange tijd snel tekenen van vermoeidheid laten zien. Op de hondenspeelweide nam hij al na twee minuten rennen met een andere hond even een drinkpauze, of ging hij zelfs even liggen. Ik besef dat ik door dat gedrag zijn beweging ben gaan verminderen. Vermoedelijk gaf dat geen problemen omdat hij ook bijna dagelijks mee ging naar de tuin, waar hij soms uren aan zijn lange ketting lag te genieten van het buiten zijn, meesttijds met zijn blik naar het hek dat leidt naar het pad langs het riviertje de Minstroom, waar vele buurtgenoten hun hond uitlaten. Soms als er bekenden langskwamen zoals Mila en Gina, liet ik mijn tuinwerk in de steek om hem samen met zijn vriendjes lekker langs het riviertje en bij het veldje naast de tuinen te laten rennen. Maar het weer is kouder, de grond nat, wat me niet geschikt lijkt om Baba lang te laten liggen en ik heb een andere tuin waar hij geen zicht meer heeft op het pad bij het riviertje.

Hij heeft contact met andere honden hard nodig en vaak lukt dat op de speelweide in het Wilhelminapark of het Zocherpark. Vooral grote honden zoals de bijna even oude Duitse staander Storm en de nu ruim een jaar jonge Duitse herder Willem rennen en dollen met Baba dat het een lust is om te zien. Ze denderen zo hard langs de mensen heen dat je de grond voelt trillen en ik veiligheidshalve zorg dat ik een boom of lantaarnpaal in mijn rug heb. Ik ben ooit eens geschept door een grote zwarte herder die aan het rennen was met mijn Pyrenese herder Jao en mij niet zag. In volle vaart botste hij tegen mijn onderbeen aan, ik vloog door de lucht en bleek uiteindelijk een enkel gebroken te hebben. Zoiets wil ik niet nog eens meemaken.

Zijn grootste vrienden waar Baba het intensiefst mee rent en dolt zijn net als hij niet gecastreerd, alleen Storm is inmiddels chemisch gecastreerd. Dat het zo goed gaat met andere reuen is voor mij een extra argument tegen castratie van Baba.

We komen ook geregeld in het park om te merken dat er geen honden zijn, of alleen maar kleintjes. Meestal gaan we dan alsnog een echte wandeling maken, maar ik besefte ineens dat die wandelingen bekort zijn en dat het voor Baba pas leuk wordt als we minstens twee uur buiten zijn.

Vandaag maken we vanuit de hondenspeelweide weer zo’n doorstart. Baba speelt even met een jonge borderterriër die hem steeds komt uitdagen voor een rondje rennen en Baba speelt ook even met ongecastreerde labrador Ben, maar dat loopt snel uit op een ultrakorte schermutseling waarvan me de reden is ontgaan.

“Kom Baba, we gaan lopen!” Daar komt hij al, blij en vrolijk met me mee, meteen de goede kant uit. Maar daar komen in de verte weer twee honden aan van zijn maat. Toch wil ik niet terug naar de hondenspeelweide, ook mijn lijf heeft beweging nodig. Ik weet van Baba dat hij meestal tevreden is als hij gewoon even een andere hond heeft kunnen begroeten. In gedachten zeg ik “Ga maar Baba, zo terug komen!”

Het begroeten van de eerste hond gaat met een korte blik, ze hebben elkaar gisteren nog gezien en deze doedel George is duidelijk geen speler gebleken. De golden retriever die Baba rennend tegemoet gaat, is echter een onbekende en dan duurt het kennismaken langer, vooral als de ander aan de lijn is.

“Kom Baba, hij is aan de lijn!“ Hupsakee, daar komt hij alweer aangerend, maar blijft uit mijn buurt. Oh ik zie het al, in de gauwigheid heeft hij nog een bal gevonden ook. Dat is nog steeds een probleem, Baba met bal komt niet graag in mijn buurt. Maar ik draai het de laatste tijd om. “Hou vast die bal!” of “neem mee die bal” of “pak de bal!” Als hij de bal dan toch weer laat liggen moet hij hem van mij gaan halen. Zo ook nu. Maar eerst moet hij komen. Zonder bal in de bek doet hij dat ook. Ik lijn hem aan, geef een brokje en zeg dan ”Pak de bal, Baba!” Hij weet precies waar hij hem heeft laten liggen en leidt mij erheen. Pakt met enige tegenzin de bal op. Laat hem weer los, kijkt even naar mij en dan naar mijn tas. Ja daar zit een plastic zakje in om de vieze bal in te doen. Ok, Baba, dan pak ik hem. Als we thuis zijn, zal ik de tennisbal goed schoonmaken onder de kraan en als hij weer droog is, mag Baba hem voorgoed houden.

Twee dagen geleden durfde hij voor het eerst een schoongemaakte tennisbal na een paar uur drogen van de verwarming af te halen. Kennelijk heeft hij nu begrepen hoe het werkt als hij een gevonden bal aan mij geeft, hij vraagt er nu voor het eerst om dat ik hem meeneem zelfs. Haha, Baba, zo komen we er wel.

We maken een lange wandeling door Bloeyendael en de Voorveldse polder. We komen allerlei honden tegen maar na de begroeting komt Baba vanzelf weer bij mij. Als ik even pauzeer op een bankje, komt hij gezellig bij me zitten. Als hij achter blijft en ik blaas twee keer op mijn fluitje komt hij blij aangerend, als hij te ver vooruit gaat blijft hij na het fluitje staan wachten tot ik bijgelopen ben. Zo genoeglijk zonder enig probleem hebben we nog nooit zo lang kunnen wandelen. Ik word er heel gelukkig van. Vooral omdat ik besef dat het eigenlijk al een week steeds meer deze kant op ging.

Bij de volgende dag mooi weer gaan we weer naar Houdringe neem ik me voor. De opmerkingen die ik daar casseerde dat hij misschien juist vaker moest komen, heb ik inmiddels al drie keer getoetst. We gaan nu minimaal een keer per veertien dagen, corona maatregelen of niet, het is noodzakelijk dat mijn hond dat soort beweging krijgt. De bus rijdt in drie a vier minuten de stad uit naar de eerstvolgende halte in de Bilt, bij het tunneltje vanwaar wij verder lopen naar Houdringe. Het gaat er elke keer beter, al blijft die ene hondenuitlaatster met haar grote, wisselende roedels wel een aantrekkelijk object voor Baba.

Als hij weer eens achter haar honden aanloopt, zegt ze lachend: “Oh daar hebben we Baba weer.” Dat ik dan ook achter hen aan moet lopen, neem ik nog maar even voor lief. Het gaat verder zo goed met een uit zichzelf terugkerende Baba. Af en toe roepen om hem even te begrenzen en en te laten uitrusten door met mij een stukje aan de lijn te lopen, of even te gaan zitten samen werkt ook steeds beter. Maar het wordt tijd om de volgende keer ook in Houdringe boos te worden als hij van richting verandert of mee gaat lopen met de roedel van de hondenuitlaatster.

Ik begin er vertrouwen in te krijgen dat Baba voortaan waar we ook zijn, blijk zal blijven geven van dat we echt met zijn tweeën zijn en hij dus minder zelfstandig hoeft te zijn en ook gewoon dingen aan mij kan overlaten. Binnenkort is hij precies twee jaar bij mij. Die twee jaar zijn voorbij gevlogen en als ik terugkijk viel het eigenlijk best mee, leren omgaan met zo’n super zelfstandige zwerfhond. Goed beschouwd verliep alles heel natuurlijk, tenzij ik onzeker werd 😉

Ik verheug me op de zekerheid dat we ook buiten als Baba losloopt een twee-eenheid gaan vormen. Er zit toch meer herder in Baba dan ik de afgelopen twee jaar gedacht heb.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s