12. Weglopen

Elke hond moet kunnen loslopen. Baba die binnen zo extreem rustig is, moet buiten lekker rennend zijn energie kwijt.
Maar er zijn steeds minder gebieden waar een hond los mag. Op de hondenspeelweide in het park daagt Baba honden uit tot renspelletjes, maar de meeste honden die er komen zijn te klein voor hem. Mila, een rottweiler teefje dat een half jaartje ouder is dan Baba, heeft wel de goede maat, maar echt rennen is niet haar favoriete spelletje. Samen stoeien vindt ze echter prachtig en Baba vindt het best dat ze overal in zijn vacht bijt. Ze zijn al snel dikke vrienden en rollen en buitelen over elkaar heen dat het een lieve lust is om te zien. De bazin van Mila en ik hebben telefoonnummers uitgewisseld om te zorgen dat de twee elkaar geregeld in het park ontmoeten. Ze zijn duidelijk gek op elkaar, maar toch zie ik Baba steeds vaker na een stoeipartij met Mila om zich heen kijken of er misschien een kandidaat voor lekker rennen aankomt.
Baba vertoont op de speelweide duidelijk herdergedrag; hij moet elke hond die komt even besnuffelen en elke hond die gaat uitgeleide doen. Maar veel hardren liefhebbers zitten er niet bij.
Dat herdergedrag is erg lastig als ik met hem in de natuur aan het wandelen ben. Het is heel moeilijk om hem buiten loslopend onder appel te houden. Voor ik het weet gaat hij achter een andere hond aan.
Ik besluit aan het begin van de zomer met hem naar Houdringe te gaan. Het vergt een busreisje naar De Bilt en vanaf de bushalte een flink stuk aangelijnd lopen voor we in het bos zijn, maar dat is de moeite waard. In het bos mag Baba meteen los en na een stuk door het bos lopen, komen we bij een grote, heideachtige vlakte. Half Utrecht met een hond kent landgoed Houdringe vanwege die heerlijke situatie voor honden en je kunt er dan ook overdag altijd honden vinden.
Baba gaat nu ook figuurlijk helemaal los, rent met de ene na de andere hond van ongeveer zijn grootte. Hij gaat daarbij vaak verder bij me vandaan dan me lief is, maar hij komt ook weer terug. Zij het niet echt dichtbij.
Ik ben gewend als ik met een hond op vreemd terrein kom, de hond me dan extra goed in de gaten houdt. Maar Baba is anders. Hij lijkt mijn bestaan steeds meer te vergeten.
Als hij al bijna een uur met allerlei honden gerend en geravot heeft, vind ik het hoog tijd dat hij weer beseft dat we samen zijn. Ik roep net zo lang tot hij eindelijk komt en zich laat aanlijnen. Uiteraard krijgt hij een ‘voertje’ zoals hondengedragtrainers dat vaak noemen.
We lopen een stukje verder naar het Biltse Meertje en ik maak hem daar weer los.
Er zijn diverse honden die hier even komen afkoelen en sommige honden krijgen tevens een balspel aangeboden.
Baba begroet alle honden, met twee heeft hij duidelijk een beetje een klik en daar focust hij zich op. Maar dat zijn nou precies de honden die steeds een bal in het water gegooid krijgen. Baba zwemt niet. Hij gaat wel het water in, maar wil daarbij stevige bodem onder zijn voeten voelen. Hij loopt wat verloren van de ene naar de andere hond en bedenkt dan dat hij op het droge ballen makkelijk kan afpakken. Zo daagt hij honden uit met hem te spelen.
Hier en daar wordt kort gegromd. Ik heb ook een tennisbal bij me en gooi die voor Baba. Maar Baba is alleen geïnteresseerd in de ballen van andere honden. Een hond pakt snel Baba’s bal. Bazen raken in de war: is dat jouw bal of mijn bal? Mij maakt het niet uit en Baba ook niet kennelijk. Er vertrekken honden met hun baasje en er komen weer honden bij. De zon is prettig warm, niet te heet, en dat water ziet er heerlijk uit. Baba drinkt er dan ook behoorlijk wat van.
Dan vertrekt het Weimaraner teefje waar Baba amper in geïnteresseerd was. Haar bazin heeft de hele tijd bij het meertje lopen bellen en ook nu loopt ze weg met haar mobieltje aan haar oor. Ik kom elke wandeling wel zo’n baasje tegen en vraag me telkens af hoe de hond dat vindt. Als ik zou gaan lopen bellen zou Baba er vandoor gaan.
Dat doet Baba nu ook zonder dat ik mijn mobiel gebruik. Tot mijn verbazing gaat hij het Weimaraner teefje achterna. De bazin heeft niets in de gaten. Ik roep Baba maar hij reageert niet. Even heb ik de hoop dat Baba zo terugkomt, maar ik zie hem niet meer. Als ik bovenaan de slechts anderhalve meter hoge hocht kom die het gebied met het meertje scheidt van het bos, zie ik Baba noch Weimaraans teefje noch bellende bazin waar ik ook maar kijk. Ik loop zo snel ik kan de richting op waarheen ik ze zag gaan, maar ik zie ze helemaal nergens.
Ik begin een ongerust gevoel te krijgen.
Ik keer een stukje terug, drentel wat heen en weer op de beboste hocht tussen het meertje en het grote veld. Aan de rand van het veld, nog beschut door bomen, is een bankje.
Ik besluit me daar te stationeren; ik kan zowel ver kijken over het veld als een oogje houden op de toegang tot het meertje.
Maar de tijd verstrijkt zonder zicht op Baba.
Mijn hart voel ik letterlijk in mijn keel kloppen.
Ik zie tal van scenario’s voor me, maar de scenario’s dat Baba ineens voor mijn neus staat of dat ik hem kan zien aan komen rennen, worden steeds onwaarschijnlijker.
Na een kwartier begin ik iedere hondenbezitter die voorbij komt te vragen of ze misschien een herderachtige hond hebben gezien.
Ik twijfel wat te doen, maar het lijkt me het beste als ik in de buurt blijf waar Baba me voor het laatst gezien heeft.
Na een half uur realiseer ik me dat de penning die Baba om heeft, mijn huistelefoonnummer bevat, niet mijn mobiele nummer. Ik ga bij mezelf na wie ik zou kunnen bellen om te vragen in mijn huis plaats te nemen.
Wat moet ik doen als hij niet meer terugkomt?
Naar huis gaan zonder Baba? Het is ondenkbaar voor me, maar het wordt een steeds waarschijnlijker scenario.
Na drie kwartier zie ik twee vrouwen aan komen lopen met een hele roedel honden bij zich. De meeste zijn aan de lijn, een enkeling loopt los. Zie ik dat nou goed? Is dat mijn Baba aan een lijn?
Ik zie het goed. De twee vrouwen hebben allemaal voormalige zwerfhonden uit Griekenland bij zich en hadden het onrustige gedrag van Baba zodanig geïnterpreteerd dat ze hem bij zich hadden geroepen en aangelijnd.
Wat een lieverds!
Ze hadden iedereen die ze tegen kwamen gevraagd of ze wisten bij wie de hond hoorde. Eén persoon dacht ons gezien te hebben bij het meertje en had me beschreven als een vrouw met rood haar en donkere kleding. Zodoende waren ze deze kant op gelopen en hadden bovendien bedacht dat als ze me niet bij het meertje troffen, het ook de weg naar de parkeerplaats was en ik misschien daar zou zijn. Ze zijn blij dat de beschrijving klopt.
Baba reageert nauwelijks als hij me ziet. Hij is druk bezig met op te letten hoe het allemaal gaat in de roedel en een loslopend reutje vindt het kennelijk maar niets dat Baba met zijn roedel meeloopt. Ik wissel snel Baba van lijn. De tranen staan in mijn ogen. Hoe kan ik deze lieve dames in vredesnaam voldoende bedanken??
Zij zijn blij voor Baba. En voor mij. Wat een schatten!!!

Thuis gekomen bel ik ’s avonds met de hondengedragstherapeut die ik de afgelopen 15 jaar al zo vaak heb mogen raadplegen en die ook heel betrokken was bij de herplaatsing van Leonardo. Hij had zijn relatienetwerk ingezet om een goede plek te vinden voor Leo, maar ook ongevraagd een oproep op Faceboek gedaan, iets wat ik zelf bewust nog achterwege had gelaten en inderdaad zoals ik gevreesd had ook vreemde types op mijn pad bracht.
“Ik snap er niets van,” begin ik mijn hulpvraag te definiëren. “Ik ben gewend dat als ik met mijn hond op vreemd terrein ben, hij me dan extra goed in de gaten houdt, maar Baba lijkt mijn bestaan helemaal te vergeten.”
“Klopt,” zegt de gedragstherapeut, “dat is normaal voor zwerfhonden. Op onbekend terrein willen ze zo snel mogelijk uitzoeken hoe alles in elkaar zit en gaan er dan makkelijk vandoor. Zo’n jonge hond als Baba kan dan ook de weg kwijtraken.”
Nou dat heb ik gemerkt.
Hoe moet ik daar mee omgaan zonder te kiezen voor wat veel mensen dan doen; niet meer los laten?
De gedragstherapeut raadt een fluitje aan. Dat is grappig, op dat idee was ik in het begin dat ik Baba had ook gekomen, maar ik vergat soms het fluitje mee te nemen en al na drie weken was ik hem buiten ergens kwijt geraakt voordat ik een steviger koordje voor om mijn nek had gevonden.
Drie weken later vond ik het fluitje in het park terug. Wat een toeval. Ook het naamkokertje dat ik speciaal had aangeschaft en waar wel mijn mobiele nummer in stond, kwam na verlies weer terug. Na meer dan twee maanden had een mij bekende hondenbezitter het kokertje ergens in het gras in het park zien liggen. Vermoedelijk verloren tijdens een stoeipartij met Mila. De tekst op het papiertje in het kokertje was nog steeds leesbaar maar omdat hij zo makkelijk te verliezen was, had ik hem niet meer om gedaan. Ook had ik nog steeds geen leren koordje voor het fluitje weten te bemachtigen. Vroeger kocht ik zoiets bij schoenmakers, maar dat is kennelijk een uitstervend beroep. Ik ging dat fluitje wel aan mijn sleutelbos vastmaken, dan kon ik hem niet meer vergeten.
Het is een soort padvindersfluitje, dat tevoorschijn was gekomen uit een krat met speelgoed van mijn kinderen dat ik ter beschikking had gesteld aan mijn kleinkind, die daar elke week veel plezier aan beleeft, ook aan het fluitje.
Maar het is nu een Babafluitje.
De hondengedragstherapeut vertelt hoe hij zijn fluitje gebruikt voor aansturen op afstand. Eén keer fluiten betekent gaan zitten, twee keer fluiten komen.
Nou, daar verwacht ik nog wel even mee bezig te zijn.
“Als dat niet werkt, kun je aan een band denken waarmee je op afstand heel kleine schokjes geeft,” oppert de gedragstherapeut.
Maar gelukkig blijkt Baba het fluitje veel beter te horen dan de fluitjes die ik met mijn stembanden kan produceren en 9 van de tien keer vindt hij het een leuke aanleiding om naar me toe te komen, soms zelfs blij rennend. Nu die 10e keer nog 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s