7. Gevlogen

In de auto naar Rotterdam denk ik dat ik genoeg pauzes neem om de vriend van de metalgitarist de ruimte te geven te reageren op de verhalen die ik vertel of het over iets anders te kunnen hebben. Maar hij zal later die dag vertellen dat hij aan mijn geklets merkte hoe zenuwachtig ik was. “Ik kwam er met geen mogelijkheid tussen,” vertelde hij mij bij aankomst in Rotterdam en later ook aan onze vriend de metalgitarist.

We zijn zeer ruim op tijd vertrokken. Files op de route zijn niet ongebruikelijk en uiteraard willen we geen risico nemen en te laat op het vliegveld arriveren. Maar het verkeer stroomt goed door en we zijn meer dan op tijd op het vliegveld. In een koffiebarretje in een hoek van de aankomsthal treffen we de aangekondigde vrijwillige medewerkster van de stichting. Weer valt op hoe geolied de organisatie loopt. Van tevoren had ik het mobiele nummer van deze vrijwilligster gekregen en dat blijkt inderdaad handig om haar te vinden.

Maandag had ik nog overwogen om het koopcontract in te vullen en mee te nemen, maar na het bericht van de hotspot heb ik toch gekozen voor het contract van opvang met optie tot behoud. Ik krijg een ondertekend exemplaar van het opvangcontract retour.

Toch heb ik vanmorgen het bedrag dat ik verschuldigd zou zijn bij koop overgemaakt. Als het onverhoopt mis zou gaan met mijn Spaanse hond, moet ik besluiten geen andere hond te nemen, vind ik. Dan kan ik echt geen hond meer hebben, tenzij ik zou gaan verhuizen en dat ga ik niet doen. Bij de omschrijving van mijn betaling heb ik gezet: “Bebé (in optie). Als t geen adoptie wordt is het donatie.” Ongezien weet ik in mijn hart zeker dat deze hond bij me hoort. Maar dat dacht ik van Leonardo ook. En bij Jao had ik nooit problemen met alleen zijn verwacht.

Ik heb de afgelopen twee weken veel contact gehad met een vrouw die een paar huizen verderop bij mij in de straat woont. Ik heb haar in de periode met Leonardo leren kennen als een enorme hondenliefhebber. Toen ik besloten had een pup te bestellen, kwam ineens de gedachte bij me op haar te vragen om vaste oppas voor de hond te worden. Dat was een spontane, zo je wilt intuïtieve ingeving, maar naarmate ik er langer over nadacht zag ik steeds meer voordelen ervan. Niet eens omdat ik vaak een oppas nodig denk te hebben. In tegendeel, mijn uitgangspunt is altijd dat ik zelf voor mijn hond moet kunnen zorgen en die zoveel mogelijk meegaat. Ik heb bovendien diverse vrienden die graag op mijn hond zullen willen passen als het een keertje nodig is. De ingeving komt meer voort uit een behoefte aan steun. Steun juist in de straat waar ik woon. Gezien alles wat er in ons straatje had plaatsgevonden n.a.v. de pesterijen rond Leonardo zou het fijn zijn als nog iemand in de straat de hond goed kent, zodat er niet weer sprake kan zijn van ongeloof. Met alle sores rond Leo kreeg ik zelfs te horen dat ik gek was. Ik verbeeldde het me. Dat mens kon niet zo gemeen zijn, ze was gewoon ziek. Dat er zoveel mensen verhuisd waren, de meeste vanwege het getreiter, had het voor mij niet makkelijker gemaakt om geloofd te worden over de ingenieus bedachte pesterijen. De nieuwere bewoners hadden vaak nog weinig ellende meegemaakt. Ook deze vrouw woont hier pas een paar jaar. Maar ze heeft een open mind. Ze heeft zelf honden gehad, maar haar financiële omstandigheden maken het haar onmogelijk nu zelf een hond te hebben. Ze is verbaasd maar ook blij als ik haar mijn voorstel doe. Ik was nog nooit bij haar binnen geweest, maar nu ik voor het eerst op bezoek ben, vallen de foto’s van haar met honden snel op. Ze is een sterke persoonlijkheid, heeft veel van het leven gezien, ze staat niet zo gauw ergens van te kijken. Ook niet als ik haar een paar dagen na ons eerste contact over de hond vertel dat het vermoedelijk niet de bestelde pup wordt. Ze steunt me in de planverandering. Ze blijkt een voorstander van kruisingen in plaats van rashonden. Voorspelt me dat ik een super lieve hond zal hebben aan de Spaanse zwerver. Van haar hoor ik ook een leuk nieuwtje: de pestkop, die precies tussen ons in aan de overkant woont, heeft zelf weer een hondje. Een kleine puppy van onduidelijk ras. We vinden dat allebei hoopgevend nieuws.

Ik ga er dus vanuit dat het goed zal komen met Bebé die ik vermoedelijk toch Baba ga noemen. Maar ik wil de naam pas echt kiezen als ik de hond een beetje heb leren kennen. Dat gaat nog even duren. Inmiddels zijn er meer mensen gearriveerd die hun nieuwe hond komen ophalen. Het wachten wordt steeds voelbaarder.

De vriend van de vriend krijgt een beetje genoeg van al het gekakel over honden van de diverse hondenbaasjes in spe en de begeleiders van de stichting. “Ik heb hier buiten een Domino’s gezien, ik ga even wat eten,” zegt hij. Ik besluit solidair te zijn en ga met hem mee.

De pizza’s bakken duurt langer dan gedacht. Als ik de eerste punt op heb begin ik een onrustig gevoel te krijgen. Misschien zijn de honden inmiddels al uitgeladen. Ik pak mijn telefoon erbij en zie dat er een minuut geleden gebeld is door de begeleidster waarmee ik het contract heb uitgewisseld. Waarom hoor ik dat ding toch zo slecht?! Tevergeefs bel ik terug. De vriend heeft ondertussen de pizzapunten bij elkaar in éen doos gedaan en we vertrekken haastig naar de vliegveldhal.

Welke kant moesten we ook weer op om de honden te halen? We gaan de goede kant op want zien al snel in de verte een groepje mensen met honden.

Later zou een van de begeleidsters vertellen dat Bebé zijn staart constant tussen zijn poten had, maar zodra hij ons de vliegveldhal in had zien komen was begonnen te kwispelen. Toen we dichterbij kwamen zag ik twee dingen tegelijk: de hotspot die al dicht zat en een prachtige hond die aan de lijn begon te trekken om naar me toe te komen. Naar mij. Niet eens naar de natuurlijke dominantie uitstralende gezamenlijke vriend. Eenmaal dichtbij steek ik mijn hand zachtjes naar voren. Bebé likt hem helemaal af. Ik had gedroomd dat het zo zou verlopen, maar met mijn ratio zo’n begroeting naar het rijk der fabelen verwezen. Maar het gebeurt dus echt! De tranen lopen over mijn wangen. Wat een wonder! Wat een prachtige en lieve hond!

De begeleiders hebben duidelijk haast. Het was ook niet zo netjes van ons om zo lang weg te zijn gebleven. Als ik de halsband wil vervangen door die ik heb meegenomen en me aarzelend afvraag hoe ik die op maat maak, neemt een begeleidster het meteen over en hatsjekidee, de halsband heeft meteen de goede maat en zit. De hond heeft nu een tuigje en een halsband en aan elk een riem. Het tuigje is een cadeau van de stichting, de twee riemen heb ik net als de halsband volgens de instructies zelf meegenomen. We maken nog wat foto’s; de mensen van de stichting maken er een paar en ik vraag de gezamenlijke vriend er nog wat te maken met mijn telefoon. Ik zoek ondertussen naar het potje met smulbrokjes, maar ben vergeten dat ik die speciaal aan de buitenkant van de rugtas had gestopt. Later blijk je me op bijna alle foto’s in mijn rugtas te zien zoeken.

Daar staan we dan in de aankomsthal, de drie dames van de stichting gaan haastig weg, we hebben een doos pizzapunten waarvan de vriend er een paar heeft uitgedeeld en een hond aan een dubbele lijn. De hond staat er rustig bij. In mij trilt van alles wat heel langzaam tot rust komt.

We zoeken buiten de luchthaven een plekje om de hond zijn behoeften te laten doen. We vinden een mooi grasveld, de hond loopt onwennig maar gewillig mee. Ik worstel met de ingewikkeldheid van twee lijnen, vooral als Bebé/Baba besluit om in het gras op zijn rug te willen rollen. Ondanks dat het tuig een groot deel van zijn rug bedekt, geniet hij zichtbaar van dat rollen in het gras, maar voor behoeften doen is het kennelijk nog te vroeg.

Ik ga achterin de auto zitten, Baba moet even geholpen worden met de auto ingaan, maar legt eenmaal op de achterbank zijn kop op mijn schoot. Tien minuten later rijden we in de file. Voor de gezamenlijke vriend is dat natuurlijk minder leuk rijden, maar ik vind het best zo met mijn nieuwe maatje half op mijn schoot. Van alle ontroering kan ik vrijwel geen woord meer uitbrengen. Halverwege de rit draait Baba zich een keer om en kijkt naar buiten, maar wat zich daar allemaal afspeelt is kennelijk niet interessant en uiteindelijk rijden we mijn straat in met de hond nog steeds tegen me aan.

Ik doe in huis de lijnen af en laat de hond zijn gang gaan. Kalm snuffelt hij hier en daar. Als ik na drie minuten een brokje in zijn mand leg, pakt hij dat aarzelend en gaat dan in volle overtuiging in de mand liggen. Hij is thuis!

20181220_193041

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s